Instellingen aanpassen bij een woning
Plan de werkzaamheden rond de ruimtes die bewoners blijven gebruiken. Spreek af waar kabels zichtbaar mogen lopen en welke afwerking gewenst is. Laat één bewoner de normale bediening uitvoeren tijdens de overdracht; voorkom dat alleen de installateur weet hoe het systeem werkt. Voor instellingen aanpassen betekent dit dat we deuren, ramen, looproutes en eventuele huisdieren vooraf bespreken met bewoners. Draadloos betekent niet willekeurig plaatsen: metaal, vloeren en afstand bepalen de betrouwbaarheid van elke detector. Een technische wijziging wordt daarom niet alleen aan het apparaat beoordeeld: ook de bevoegde gebruikers kunnen in- en uitschakelen en weten wie een alarmmelding opvolgt.

